|

Geschiedenis Landgoed Marlot
De eeuwenlange geschiedenis van Marlot begint bij de vestiging van een boerderij op de overgang van de strandwal naar de strandvlakte. Adriaan van der Velde bouwde in de 16e eeuw de boerderij om tot buitenplaats. Hij voorzag de uitbouw van blauwe dakpannen, om daarmee het standsverschil met het boerenbestaan te laten zien. De buitenplaats werd vanaf toen "Blauwe Camer" genoemd. In 1640 werd de Blauwe Camer eigendom van een officier met de naam David van Marlot. Zo ontstond de naam "Marlot".
David van Marlot legde tuinen aan volgens de principes van het Hollands classicisme: veel symmetrie en rechte hoeken. Ook werden tuinmuren en moestuinen aangelegd. Het huis lag wat schuin ten opzichte van de rechthoekige tuinindeling, maar dit werd door een lanen- en slotenpatroon gemaskeerd.
In de periode vanaf 1677 wisselde het eigendom van Marlot vrij snel door vererving en verkoop. Zo koopt Willem van Neck aan het begin van de 18e eeuw Marlot en brengt diverse veranderingen aan in de tuinaanleg. De tuinmuur, een zogenaamde retranchementenmuur, en een oranjerie worden gebouwd. Aan de westzijde van het landhuis wordt een ronde vijver aangelegd en voor het landhuis komt een halfronde vijver. Deze laatste vijver zette zich visueel voort in een dwarsvijver, die nu bekend staat als "Grand Canal". De tuin werd bovendien uitgebreid aan de oost- en westkant en omgeven door een gracht. Meer land gaf immers meer status!
Eind 18de eeuw kwam een heel andere tuinstijl in de mode: de landschapsstijl. Op Marlot werd een parkbos met beek en mooie bruggetjes aangelegd. De paden in dit parkbos kregen de typische slingerende vorm van de landschapsstijl. Het kost geen moeite om deze nu nog terug te vinden. De vijvers bij het landhuis werden vergraven in een meer landschappelijke stijl en er werden theekoepels gebouwd. In 1783 werd door openbare verkoop Mattheus Grousset eigenaar van het landgoed. Hij overleed echter korte tijd na de aankoop. Zijn dochter heeft Marlot in 1796 aan Margaretha van Loon verkocht en vervolgens, in 1802, wordt Samuel van Hoogstraten de nieuwe eigenaar. In de periode die volgt, vinden geen grote veranderingen meer plaats. Alleen in de directe omgeving van het huis worden nog tuinen aangelegd in verschillende stijlen.
In 1917 koopt de gemeente Den Haag het landgoed, waarbij de weilanden in het oostelijke deel van het gebied in 1920 als villawijk Marlot werden ingericht. In het landhuis werd een school gevestigd en in het koetshuis kwam een gymzaal. In 1927 werd direct naast het landhuis een tennishal gebouwd, in de stijl van de Haagse school. Op de plek van de moestuinen werden tennisvelden aangelegd. Vervolgens werden in het parkbos speelweiden aangelegd, het wandelpad langs de weilanden werd aangelegd en de ronde vijver ten westen van het landhuis werd gedempt. Tegenwoordig is het landhuis weer in particulier bezit en als kantoor in gebruik.
In 1996 is het Marlot gebied aangewezen als beschermd stadsgezicht.
Aanzicht landhuis Marlot in 1855, vanuit wat nu heet de Bezuidenhoutseweg
Bron: website Gemeente Den Haag
Meld u aan voor onze gratis nieuwsbrief:

|